Reglement
1.1 De Bokaalritcompetitie wordt georganiseerd ter bevordering van de onderlinge contacten tussen leden van Club Triumph Holland (hierna CTH). Bokaalritten zijn regio overstijgend en zijn voor alle leden toegankelijk.
1.2 De Bokaalritten staan open voor leden van CTH en hun eventuele introducés. Ook niet-leden in het bezit van een klassieker mogen deelnemen indien het eventuele maximum aantal inschrijvingen dit toelaat.
1.3 Introducés dienen te beschikken over een passend vervoermiddel, zulks ter beoordeling van de organisatie van de Bokaalrit.
1.4 Niet-leden van CTH komen in aanmerking voor het dagklassement van de betreffende Bokaalrit.
Niet-leden dingen niet mee naar een klassering in het Bokaalritten-klassement.
1.5 De lengte van een Bokaalrit bedraagt tenminste 90 en ten hoogste 115 kilometer en dient binnen een tijdsbestek van 4 uur gereden te kunnen worden, exclusief pauzes. Indien een rit deze afstand overschrijdt dan telt uitsluitend dat deel van de rit voor de klassering tot het gestelde maximum. Het voor het klassement tellende deel wordt voor aanvang duidelijk kenbaar gemaakt door de organisatie.
1.6 Deelname aan de rit geschiedt geheel op eigen initiatief en steeds onder eindverantwoordelijkheid van de bestuurder van het voertuig.
1.7 De organisator wordt gevrijwaard door bestuurder van elke vorm van aansprakelijkheid die derden kunnen doen gelden richting de organisator als gevolg van enig handelen of nalaten van bestuurder.
1.8 De organisator is niet aansprakelijk voor enige directe of indirecte schade, waaronder mede wordt begrepen verkeersovertredingen, die kan ontstaan dan wel worden geleden als gevolg van deelname aan de rit, al dan niet door toedoen van bestuurder en/of de bijrijder(s).
1.9 Het deelnemende voertuig dient te voldoen aan alle terzake geldende wettelijke regelgeving, waaronder mede wordt begrepen een geldende verzekering voor WA-dekking en het voorzien zijn van een geldend keuringsbewijs ingevolge de APK.
1.10 Er is geen tijdslimiet verbonden aan de rit noch zal deze worden opgelegd door de organisator aan deelnemers.
1.11 De bestuurder dient alle verkeersregels in acht te nemen dan wel hierop toe te zien (let op diverse gelijkwaardige kruisingen en voorrangsrecht van fietsers).
1.12 Alle bepalingen uit de Wegenverkeerswet 1994 en het bijbehorende Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens zijn onverminderd van kracht tijdens de Bokaalrit.
1.13 De winnaar van het Bokaalritten-eindklassement ontvangt tijdens de jaarlijkse Algemene Vergadering de wisselbokaal. Hij of zij is gehouden de wisselbokaal ten minste 14 dagenvoor de volgende Algemene Ledenvergadering te bezorgen bij één van de bestuursleden van CTH.
2.1 Leden van CTH dingen mee naar zowel het dagklassement van de betreffende Bokaalrit als naar een notering in het Bokaalritten-klassement.
Niet-leden van CTH komen slechts in aanmerking voor het dagklassement van de betreffende Bokaalrit. Niet-leden dingen niet mee naar een klassering in het Bokaalritten-klassement. Niet-leden welke gedurende het kalenderjaar lid van CTH worden, krijgen op eerste verzoek alsnog deelnamepunten voor de eerder in het betreffende kalenderjaar gereden ritten.
2.2 Voor zowel de dagprijs als de toekenning voor de punten in het Bokaalrtten-klassement geldt dat, als deelnemers een gelijk aantal (straf)punten hebben behaald, bepalend is wie het langst foutloos is geweest: wie het eerst een fout heeft gemaakt eindigt 1 plaats lager dan de ander. Als dit eenzelfde resultaat oplevert wordt gekeken wie daarna de eerste fout heeft gemaakt, etc. Als dit alsnog een gelijk resultaat oplevert dan wordt de onderlinge stand bepaald door middel van loting.
2.3 Wanneer in het Bokaalritten-eindklassement leden met een gelijk aantal punten eindigen dan eindigt het lid wat deelgenomen heeft aan het grootste aantal Bokaalritten 1 plaats hoger. Als dit eenzelfde resultaat oplevert wordt gekeken naar de individuele scores bij de Bokaalritten. Als dit alsnog een gelijk resultaat oplevert dan is er sprake van een ex aequo eindstand.
2.4 Deelnemers dienen de vrijwaringverklaring “Algemeen Reglement” van CTH in te vullen, ondertekenen en in te leveren bij de organisatie.
2.5 De manier waarop de routebeschrijving wordt opgesteld is ter beoordeling aan de organisator van de Bokaalrit. Eventuele afwijkingen ten opzichte van dit reglement zullen expliciet worden aangegeven door de organisator.
2.6 De volgende puntentelling wordt gehanteerd voor het Bokaalritten-klassement:
Rangschikking Punten
1e plaats 11
2e plaats 8
3e plaats 6
4e plaats 5
5e plaats 4
6e plaats en verder 3
3.1 De beschreven bol-pijl situaties dienen in nummervolgorde uitgevoerd te worden.
3.2 Aan de hand van een getekende bol-pijl situatie (kruispunten, wegveranderingen) dient, met in achtneming van de hierna volgende bepalingen, een route gereden te worden van bol naar de punt van de pijl.
3.3 De bol is de plaats waar de deelnemer zich bevindt en de pijl is de richting welke gevolgd moet worden.
3.4 De afstand van ieder bol-pijl situatie naar de volgende bol-pijl situatie wordt aangegeven in kilometers en/of mijlen.
3.5 Indien in voorkomende gevallen er geen afstand staat aangegeven (bol-pijl zonder afstand) dan wordt de eerst volgende weergegeven bol-pijl situatie bedoeld.
3.6 Het is mogelijk dat door toleranties van de gebruikte tripmaster of dagteller er kleine verschillen kunnen ontstaan in de opgegeven afstanden.
3.7 Als bij een snijpunt van wegen geen routebeschrijving is beschreven dient de deelnemer altijd de doorgaande route te volgen. Dit is niet noodzakelijkerwijs rechtdoor, maar vaak af te leiden uit de aard van het wegdek dan wel bewegwijzering.
3.8 De situaties zijn niet op schaal getekend en gestileerd weergegeven. Dit betekent dat het meer of minder schuin en/of in bochten lopen van wegen niet zo getekend hoeft te zijn.
3.9 Verharde wegen zijn getekend met een ononderbroken lijn, onverharde wegen zijn aangegeven met een onderbroken lijn en/of tekst met vermelding ‘onverhard’.
3.10 Binnen de bol-pijl situatie dient de deelnemer de langste route te rijden. Wegen mogen slechts één keer bereden te worden.
3.11 Als de bol-pijl situatie niet reglementair uitgevoerd kan worden, dient de weg rechtdoor gevolgd te worden.
3.12 Er kunnen langs de route aanwijzingen worden/zijn opgenomen. Deze dienen met voorrang gevolgd te worden.
4.1 De herkenbaarheid en/of aard van de controles zullen door de organisatie voor aanvang van de Bokaalrit kenbaar worden gemaakt. Controles en opdrachten bevinden zich steeds rechts van de weg. Plaatsnaamborden kunnen eveneens als controle worden aangemerkt waarbij de deelnemer de eerste twee letters noteert. Het betreft uitsluitend blauwe plaatsnaamborden bij het binnenrijden van een plaats.
4.2 De controles en opdrachten dienen direct op de controlekaart in één vak (het eerstvolgende lege vak), in nummervolgorde genoteerd te worden.
4.3 De controlekaart dient met stift of balpen ingevuld te worden.
4.4 Iedere foutieve of niet-vermelde controle levert (straf)punt(en) op. Ook iedere doorgestreepte of gecorrigeerde controle levert (straf)punt(en) op.
4.5 De controlekaart dient na afloop van de Bokaalrit ingeleverd te worden bij de organisatie. De organisatie kan besluiten om meerdere controlekaarten te gebruiken en deze tussentijds in te nemen.
5.1 In geval van dispuut over situaties waarin dit reglement niet voorziet beslist de organisatie van de Bokaalrit.
5.2 Over de uitslag van de Bokaalrit en het Bokaalritten-eindklassement kan niet worden gecorrespondeerd.
5.3 Bokaalritten worden met de grootste zorg georganiseerd. De organisatie zal steeds een last-minute controle van de route verzorgen. Niettemin kan de deelnemer op een onverwachte, niet voorziene wegafsluiting stuiten. Het is aan de deelnemer de weg te zoeken en de route te vervolgen. Indien in de Bokaalrit een tijdgebonden afspraak is voorzien wordt de deelnemer verzocht verder tijdverlies zoveel mogelijk te beperken.
